Mien oorlog: Onderduikers in Zuidlaren

Zuidlaren is in de oorlog een slaperig dorpje. Totdat de Duitsers het hoofdkantoor van het Noordelijk Sanatorium confisqueren. Later krijgen Jan Siert en Eny Drenth onderduikers. Jan wil wel in het verzet, maar geen wapen dragen. Dus rijdt hij met zijn vrachtwagentje onderduikers rond. En de meesten krijgen ook onderdak. Ze leven voortdurend onder hoogspanning.

Onderduikers worden via een zijraampje het kleine huisje binnen gesmokkeld. Het is een komen en gaan. In de laatste dagen van de oorlog hebben ze wel 7 man tegelijk in huis. Eny Drenth: "Dat was na de spoorwegstaking. Maar toen zat de ene helft van Nederland bij de andere helft ondergedoken."

Eny - inmiddels 98! - wil van een heldenrol niets weten: "Je bent niet flink, je bent bang. Moed wordt uit angst geboren. Omdat je bang bent, en dat wil je niet. Dus dan heb je een groot woord. En dan durf je wel."